Bowling

Aantal: 2 leerlingen

Benodigdheden:
  • bal
  • 10 flessen
  • invulkaart (geplastificeerd)
  • correctiesleutel
  • whiteboard stift
Spel: Aftrekking 
  1. Leerling 1 gooit met de bal.
  2. De flessen die omvervallen worden afgetrokken van het getal 10.
  3. Leerling 1 schrijft dit op de invulkaart en rekent het uit.
  4. Leerling 2 controleert de oplossing.
  5. Afvegen en wisselen.
  6. Uitbreiding: aantal flessen vermeerderen.

Vliegen meppen

Aantal: 3 leerlingen

Benodigdheden:
  • 2 vliegenmeppers
  • verschillende getallen
  • opdrachtenkaart
  • correctiesleutel
Spel: Optellen tot 10
  1. Leerling 1 toont een som.
  2. Leerling 2 en 3 slaan met een vliegenmepper zo snel mogelijk op het juiste getal.
  3. Wie het eerst 4 insecten heeft gevangen is gewonnen.
  4. Wisselen van rol.
  5. Dit spel kan je ook ombuigen naar vormen!

De rekenrups

Aantal: 2 leerlingen

Benodigdheden:
  • teken een rups op de grond: één kopje met 10 rondjes.
  • of leg 10 hoepels/fietsbanden tegen elkaar
  • correctiesleutel: medeleerling
Spel: Tellen, terugtellen, tellen per 2
  1. Leerling 1 springt van vakje naar vakje en telt van 0 tot 10.
  2. Leerling 2 kijkt en controleert. Daarna wisselen.
  3. Leerling 1 springt van 10 naar 0 en telt… Daarna wisselen.
  4. Leerling 1 begint bij 0 en springt telkens over 1 vakje. Hij telt: 0 – 2 – 4 – 6 – … Lukt het tot 10? Daarna wisselen.
  5. Leerling 1 begint bij 1 en springt telkens over 1 vakje. Hij telt: 1 – 3 – 5 – 7 – … Daarna wisselen.
  6. Dit spel kan je ook moeilijker maken door te starten bij 10 of 20, …

Ren je rot

Aantal: 3 leerlingen

Benodigdheden:
  • 2 getallen = uitkomst: vb. 9 en 10
  • deze getallen hang je aan 2 tegenovergestelde zijde in de klas of gang.
  • 2 hoepels of fietsbanden in het midden van de klas
  • opdrachtenkaart met sommen
  • correctiesleutel
Spel: Optellen 
  1. Leerling 1 neemt een kaartje en toont de opdrachtenkaart (vb. 7 + 2 =).
  2. Leerling 2 en 3 staan in het midden van de gang in de hoepels.
  3. Ze lopen zo snel mogelijk naar de juiste uitkomst vb 9 of 10.
  4. Wie de juiste kant kiest is gewonnen.
  5. Wisselen van rol.
  6. Dit spel kan je ook ombuigen naar maaltafels, vormen en hoeveelheden!

Getallenlijn

Aantal: 3 leerlingen

Benodigdheden:
  • getallenlijn aan de muur + wasknijpers
  • of Getallenlijn op de grond
  • plaats het getal 0 en 20 op de getallenlijn
  • mandje voor kaartjes met getallen
  • correctiesleutel van een getallenlijn
Spel: Getallenlijn
  1. Leg het mandje achteraan op de grond in de klas.
  2. Hang de getallenlijn aan de andere kant van de klas.
  3. Leerling 1 en 2 nemen een kaartje en hangen deze op de juiste plaats aan de getallenlijn.
  4. Leerling 3 controleert de getallenlijn.
  5. Wisselen van rol.
  6. Moeilijker: Niet alle getallen uitdelen. Hogere getallen nemen. Alleen even getallen uitdelen. Of alleen oneven getallen. Alleen tientallen in de rij zetten en de overige getallen tussen laten voegen.

Tafeltjes dobbelen

Aantal: 3 leerlingen

Benodigdheden:
  • 1 kubus met de getallen 2, 3, 6, 7, 8 en 9
  • 1 kubus met de getallen 4, 5, 6, 7, 8 en 9
  • 1 mandje met punten
  • 1 gelamineerd invulblad
  • whiteboard stift
  • correctiesleutel met maaltafels
Spel: Maaltafels oefenen
  1. Leerling 1 gooit met de kubus en leerling 2 gooit met de andere kubus.
  2. Hang het gelamineerd blad aan de muur.
  3. Leerling 3 schrijft de getallen die er uit komen op het blad.
  4. Leerling 1 en 2 zoeken naar de oplossing van deze vermenigvuldiging.
  5. De leerling die het eerst de uitkomst weet mag een punt uit het mandje nemen.
  6. Wisselen van rol.
  7. Makkelijker: lagere getallen op de kubussen.